Een kleine daad van rust
- Marianne Nijnuis

- 2 mrt
- 2 minuten om te lezen

Het was krokusvakantie en de krokusjes sprongen als op commando overal als paddenstoelen uit de grond. De zon scheen en de temperaturen lagen in de dubbele cijfers. Dus gingen mijn zoon en ik erop uit. Naar het Spoorwegmuseum. Hij wou graag met de trein wat natuurlijk ook wel passend is. Op de heenreis deed ik -heel efficiƫnt- een dutje in de rijdende trein, een powernap om lekker fris aan te komen. Er was niemand die daar iets van zei.
Ik doe al enkele jaren meerdere dutjes per dag. Drie keer per dag doe ik mijn ogen dicht en als het kan, ga ik daarbij plat. Dat duurt tussen de 15 en 20 minuten. Niet minder en soms wat meer. Meestal soes ik wat of ik mediteer en soms sukkel ik echt even weg. Het is voor mij een heel fijne manier om de dagen goed vol te houden, om mijn lijf de nodige rust te geven en om alle prikkels te verwerken.
Toen we na ruim twee uur het museum hadden doorkruist, hadden genoten van het weer buiten tijdens onze lunch en het rangeerterrein met de locomotieven van het eerste uur hadden bekeken, voelde ik dat het tijd was voor nog een dutje. Maar ja, waar doe je dat wanneer er geen officiƫle rustruimte is? Tijdens onze tocht door het museum hadden we een prachtige restauratiewagen gezien uit het begin van de vorige eeuw, met comfortabele stoelen en waar het redelijk rustig was. Ik zei toen al tegen mijn zoon dat dit wel een fijn plekje zou zijn om even te rusten. Dus toogden we daarheen terug.
Ik nestelde me op de bank, nam mijn kussentje en legde mijn hoofd erop en deed mijn ogen dicht. Heerlijk. Na enkele minuten troffen de eerste bezoekers mijn slapende ik. Ze liepen grappend voorbij āligt er daar een te slapen!ā. En niet lang daarna kwamen er twee suppoosten aan, of het wel goed ging. Mijn zoon en ik stelden hen gerust en ik hervatte mijn dutje.
Concluderend is het dus heel normaal om in een rijdende trein een dutje te doen, maar blijkbaar niet in een trein die stilstaat in een museum. Even stilstaan in een maatschappij die alsmaar doordendert valt toch een beetje uit de toon.





Opmerkingen